Naar aanleiding van het blog over “Ik bepaal zelf wat ik doe” kreeg ik een mooie vraag van een leerkracht:

“Is er dan nooit meteen een consequentie?
Bijvoorbeeld: even uit de kring als een leerling niet op tijd zit als de timer is afgelopen?”

 

Een logische vraag:

👉 je spreekt iets af met elkaar
👉 de timer gaat
👉 en wie zich er niet aan houdt… krijgt een consequentie

Of toch niet? 

Ik stuurde de vraag naar Erik (Faasen – Verbindend Gezag). Onze training lag nog vers in het geheugen en ik dacht…mooie vraag. 

En zijn reactie: De autoritaire stijl kan ook werken bij een leerling. Verbindend gezag gaat uit van de autoritatieve stijl. Beide kan. De vraag is vanuit welke stijl wil je werken? Ik dacht: dat is weer leuk voor een blog 😃. Laten we eerst inzoomen op de stijlen van leiding geven: 

Stijlen van leiding geven 

De autoritaire stijl legt de nadruk op het gezag, de relatie met de leerling is ondergeschikt. Er is geen ruimte voor discussie. De leerkracht schrijft voor hoe de leerling zich moet gedragen. De leerkracht eist gehoorzaamheid.

De toegeeflijke stijl legt de nadruk op de relatie met de leerling. Het gezag is ondergeschikt. De leerkracht staat naast de leerling en stel geen grenzen. 

Bij de autoritatieve stijl gaan relatie en gezag hand in hand. Je bent duidelijk in de kaders en de grenzen en je blijft daarbij in verbinding. 

Dus de eerste vraag is: Wie wil je zijn als leerkracht en wat wil je versterken?

Is dat gehoorzaamheid? Of: verantwoordelijkheid nemen? 

Zijpad: Ik hoor heel vaak in de kennismakingsgesprekken dat leerkrachten vinden dat kinderen zo weinig verantwoordelijkheid nemen voor hun eigen gedrag… hoe leren we kinderen verantwoordelijkheid nemen voor hun eigen gedrag… (voer voor een ander blog 😃).

Grenzen stellen in de klas: twee manieren

  1. Je kunt hier grofweg twee kanten op bewegen. Je hebt de leerkracht die zegt: Nu zitten. Klaar.
  2. En je hebt de leerkracht die even blijft staan, kijkt en zich afvraagt: wat is hier eigenlijk nodig?

Beide reacties kunnen effect hebben. Alleen… beide bouwen aan iets anders. De eerste stuurt vooral op gedrag: dit is de regel en zo doen we het. De tweede kijkt voorbij het gedrag en richt zich op wat een leerling of groep nog te leren heeft.

En precies daar zit het verschil.  waar de één zorgt voor snelle gehoorzaamheid, werkt de ander aan iets wat veel duurzamer is: zelfregulatie. Is het ene beter dan het andere? Dat hangt er dus van af wat je onderliggende waarden zijn. En ik zal de eerste zijn om aan te geven dat dat soms best ingewikkeld is. Ik geloof heel erg in de autoritatieve stijl, maar herken mezelf ook in de toegeeflijke stijl en ook in de autoritaire stijl. Want soms wil ik gewoon dat je luistert en wel nu 🙈

Of zoals Dick het zo mooi kan verwoorden: Ik ben erg voor eigenheid maar vanaf het moment dat ze (onze kinderen) terug begonnen te praten vond ik het knap lastig en wilde ik eigenlijk gewoon dat ze deden wat ik zei. 



normcirkel

Waar bouwen we aan in een klas?

Binnen de RESPECT-aanpak kijken we niet alleen naar: hoe reageer ik op gedrag?
Maar vooral naar: wat bouwen we hier met elkaar?
Werk je vanuit losse regels? Of vanuit een gedeelde missie?

Bijvoorbeeld:

  • we luisteren naar elkaar
  • we zorgen dat iedereen kan starten
  • we helpen elkaar om te leren

Dat zijn geen regels. Dat zijn bouwstenen die in relatie staan tot onze missie, onze wens.
Dat zegt iets over wie we samen als klas willen zijn. Kleine nuance, groot verschil. 

Terug naar die timer…

De afspraak is duidelijk: 3 minuten opruimen daarna zit je klaar
En dan is er een leerling die nog bezig is.
Je kunt denken: regel overtreden → consequentie

Je kunt ook iets anders doen. Je gaat naast de leerling zitten. Of staan. Je geeft een kleine aanwijzing. Rustig. Zonder gedoe. Je zegt eigenlijk: Ik laat je niet los. Ik help je weer aansluiten.

Wat kun je concreet doen?

  1. Begrenzen in het moment — zonder het groot te maken
  • ga naast de leerling staan of zitten
  • maak kort contact
  • geef een rustige aanwijzing

Je houdt de flow én geeft richting.

  1. Kom erop terug (de pedagogische les)

Later, even samen:
“Je was nog bezig toen we begonnen… wat gebeurde daar?”
En dan:
“Wat hadden we ook alweer afgesproken?”

  1. Betrek de groep bij de norm

Als dit vaker speelt:

 “Hoe willen wij starten?”
“Wat hebben we nodig om dat te laten lukken?”

Dan wordt het van iedereen.

  1. Laat consequenties bijdragen aan de groep

Niet: Buiten de groep 

Maar bijvoorbeeld: samen opnieuw de start oefenen, helpen om de volgende overgang soepel te laten verlopen

  1. Maak het betekenisvol

Niet: “Je moet luisteren”
Maar: “We luisteren, zodat iedereen kan beginnen en we samen kunnen leren.”

De kern van grenzen stellen in de klas

Grenzen stellen gaat binnen de RESPECT-aanpak en Verbindend Gezag niet over controle houden, maar over: samenbouwen aan een gemeenschap waarin gedrag steeds logischer wordt.

En dat vraagt van jou als leerkracht:

  • duidelijke kaders
  • zichtbaar leiderschap
  • én verbinding

Dus… moet er een consequentie volgen? Soms wel.

Maar de belangrijkere vraag is:

Draagt wat ik nu doe bij aan de groep die we samen willen zijn?

Met een verschillige groet, 

Jelly.